In België spelen dagcentra voor kinderen een belangrijke rol in de begeleiding van jongeren met specifieke ondersteuningsnoden, zoals autismespectrumstoornis, ADHD en dyslexie. Ze bieden een voorspelbare omgeving waar elk kind aandacht krijgt, leeftijdsgenoten ontmoet en stap voor stap vaardigheden opbouwt. Voor veel gezinnen is zo'n centrum het eerste echte houvast na een lange zoektocht. Maar de zorg blijft niet beperkt tot gesprekken en oefeningen aan tafel: steeds meer begeleiders zoeken ook speelse, gestructureerde hulpmiddelen die een kind motiveren. In dit artikel bekijken we hoe de educatieve software COCO (COCO DENKT en COCO BEWEEGT) in zo'n context kan worden ingezet, wat het wel en niet kan betekenen, hoe een sessie er in de praktijk uitziet en welke opleidingen en hulpmiddelen je kunnen helpen om er het beste uit te halen.
5–10 jaarDe leeftijdsgroep waarvoor COCO is ontworpen
2 delenCOCO DENKT voor het hoofd, COCO BEWEEGT voor het lichaam
3 thema'sAutisme, ADHD en dyslexie komen het vaakst terug in dagcentra

Dagcentra voor kinderen in België: wat doen ze en voor wie?

Een dagcentrum voor kinderen is een voorziening waar kinderen overdag terechtkunnen voor begeleiding, opvang, therapie of een combinatie daarvan, terwijl ze 's avonds gewoon thuis slapen. De precieze invulling verschilt sterk van plaats tot plaats. Sommige centra zijn verbonden aan een school voor buitengewoon onderwijs, andere werken vanuit een revalidatie- of zorgorganisatie, en nog andere zijn kleinschalige initiatieven van ouders en professionals. In Vlaanderen, Wallonië en Brussel zijn de bevoegdheden en financieringskanalen verschillend georganiseerd, dus het loont altijd om bij het eigen ziekenfonds, de CLB-begeleider of de regionale diensten voor personen met een handicap na te gaan welke voorzieningen en tegemoetkomingen voor jouw situatie bestaan.

Wat die centra gemeen hebben, is de aandacht voor structuur. Kinderen met autisme hebben vaak baat bij duidelijke routines en visuele ondersteuning. Kinderen met ADHD profiteren van korte, afgebakende opdrachten en veel beweging. Kinderen met dyslexie hebben nood aan een rustige aanpak van lezen en schrijven, zonder de voortdurende druk van het klassieke tempo. Een goed dagcentrum werkt daarom met kleine groepen, een vast team en een persoonlijk begeleidingsplan dat in overleg met de ouders, de school en eventuele externe therapeuten wordt opgesteld.

Belangrijk om te onthouden: een dagcentrum is geen vervanging van het gezin of van de school, maar een schakel in een netwerk. Het kind gaat van huis naar centrum naar school en terug, en hoe beter die werelden op elkaar aansluiten, hoe meer het kind daarvan meeneemt. Juist daarom zijn gedeelde hulpmiddelen interessant: een spel dat in het centrum wordt geïntroduceerd, kan thuis op een rustig moment worden herhaald, en de vorderingen kunnen in het heen-en-weerschrift of het verbindingsboekje worden genoteerd.

Wat is COCO en hoe werkt het?

COCO is een educatieve software van DYNSEO die speciaal is ontwikkeld voor kinderen tussen ongeveer vijf en tien jaar. De toepassing bestaat uit twee onderdelen. COCO DENKT en COCO BEWEEGT vormen samen een speelse leeromgeving waarin kinderen oefenen met aandacht, geheugen, logisch redeneren en bewegen. COCO DENKT bestaat uit korte denkspelletjes die verschillende cognitieve functies aanspreken. COCO BEWEEGT brengt het lichaam in beweging, zodat het kind zijn energie kwijt kan en tegelijk blijft meedoen aan een doelgerichte activiteit.

De kracht van zulke software ligt in een paar eenvoudige ontwerpkeuzes. Opdrachten zijn kort, zodat een kind snel succes ervaart. Het niveau kan worden aangepast, zodat de moeilijkheid bij het kind past en niet omgekeerd. De omgeving is voorspelbaar: dezelfde knoppen, dezelfde opbouw, dezelfde beloningsmomenten. Voor een kind dat in het dagelijkse leven veel onvoorspelbare prikkels te verwerken krijgt, kan die voorspelbaarheid een echte geruststelling zijn.

Een eerlijke kanttekening is hier op zijn plaats. COCO is geen geneesmiddel, geen diagnosemiddel en geen vervanging van een behandeling door een arts, psycholoog, logopedist of ergotherapeut. Het is een hulpmiddel voor cognitieve stimulatie en voor gestructureerd spelen, dat een begeleider kan inzetten als aanleiding voor een gesprek, een oefening of een leerdoel. De therapeutische waarde zit dus niet in de app alleen, maar in de manier waarop een opgeleide begeleider de app inbedt in zijn aanpak. Dat onderscheid maakt het verschil tussen een leuk tijdverdrijf en een zinvol hulpmiddel.

Wat COCO wel en niet is:

  • Een speelse tool voor aandacht, geheugen, redeneren en beweging bij kinderen van 5 tot 10 jaar.
  • Een ondersteuning die een begeleider kan inzetten naast bestaande therapieën en onderwijs.
  • Geen behandeling, geen diagnose en geen belofte van genezing.
  • Het meest waardevol wanneer volwassenen het spel koppelen aan een gesprek of een concreet doel.

De voordelen van COCO in een dagcentrum voor kinderen

Waarom zou een dagcentrum een digitaal hulpmiddel in huis halen? Het eerste antwoord is motivatie. Veel kinderen die naar een centrum komen, hebben al ervaringen met oefeningen die moeilijk of vermoeiend waren. Een spelletje met directe feedback, kleurrijke beelden en een duidelijke beloning doorbreekt dat patroon. Het kind voelt zich niet beoordeeld, maar uitgenodigd om iets te proberen. Die lage drempel is bijzonder waardevol bij kinderen die snel afhaken of die faalangst ontwikkeld hebben.

Het tweede voordeel is differentiatie. In een groep van zes kinderen heeft elk kind een ander niveau, een ander tempo en andere interesses. Software die zich laat aanpassen, helpt de begeleider om meerdere kinderen tegelijk aan het werk te houden zonder dat een van hen zich ondergewaardeerd of overvraagd voelt. Terwijl de ene leerling een eenvoudige geheugenoefening doet, kan een andere al een stap verder gaan met een zwaardere opdracht.

Een derde voordeel is overzicht. Wie regelmatig dezelfde activiteit doet, kan beter volgen hoe een kind evolueert: hoe lang houdt het zijn aandacht vast, welke opdrachten lukken vlot, waar loopt het vast? Zulke observaties vormen een rijke bron voor het teamoverleg en voor het gesprek met de ouders. Ze vervangen geen formele evaluatie, maar ze voeden die wel.

Tot slot is er het sociale voordeel. Hoewel een scherm op het eerste gezicht individueel lijkt, kan het met een beetje creativiteit net een gezamenlijke activiteit worden. Twee kinderen kunnen om beurten spelen, elkaar helpen, een score samen proberen te verbeteren of aan elkaar uitleggen hoe ze een opdracht hebben opgelost. Zo wordt de app een aanleiding om te praten, te wachten, te delen en te vieren, en dat zijn precies de vaardigheden die in een dagcentrum centraal staan.

Tip van de DYNSEO-experts

Spreek vooraf met het kind af hoe lang er gespeeld wordt en wat er daarna gebeurt. Een visuele timer maakt de afspraak concreet en voorkomt discussies bij het afsluiten. Veel kinderen stoppen veel makkelijker wanneer het einde van tevoren duidelijk was.

COCO bij autisme, ADHD en dyslexie: een verschillende aanpak per kind

Het woord "specifieke behoeften" dekt een brede waaier aan profielen. Binnen eenzelfde dagcentrum zitten kinderen met heel uiteenlopende sterktes en moeilijkheden naast elkaar, en één standaardrecept bestaat niet. Hieronder beschrijven we per profiel waar de begeleider op kan letten wanneer hij of zij COCO inzet. Het zijn algemene richtlijnen: elk kind blijft uniek, en de observaties van ouders en therapeuten wegen altijd zwaarder dan een algemeen advies.

Autismespectrumstoornis

Kinderen met autisme zoeken vaak houvast in voorspelbaarheid. Een spel met vaste regels en een herkenbare opbouw kan die behoefte goed beantwoorden. Begin daarom met een korte, rustige kennismaking, laat het kind eerst kijken hoe het werkt en bouw pas daarna de moeilijkheid op. Let op sensorische prikkels: te veel geluid of te felle beelden kunnen storend zijn, dus zet het geluid zacht en kies een rustige plek. Gebruik daarnaast visuele ondersteuning, bijvoorbeeld een pictogrammenplanning met de stappen "spel kiezen, spelen, opruimen, klaar". Meer achtergrond over deze begeleiding vind je in de opleiding Een kind met autisme begeleiden: sleutels en oplossingen voor het dagelijks leven.

ADHD

Kinderen met ADHD hebben vaak moeite om hun aandacht te richten en vast te houden, en ze hebben een grote bewegingsdrang. Net daarom is een combinatie van denken en bewegen interessant. Korte rondes van vijf tot tien minuten, afgewisseld met een actieve pauze, werken meestal beter dan één lange sessie. Beloon de inspanning en niet alleen het resultaat, want voor een kind met ADHD is volhouden al een prestatie. Wie wil begrijpen waar het kind mee worstelt, kan met de aandachtstest voor kinderen een eerste indruk krijgen. Die test is bedoeld als oriëntatie en vervangt nooit een diagnose door een arts of een gespecialiseerd team.

Dyslexie

Bij dyslexie ligt de moeilijkheid niet in intelligentie maar in het verwerken van geschreven taal. Veel kinderen met dyslexie hebben daardoor een gebroken zelfbeeld opgebouwd rond "school" en "leren". Een spel dat weinig leeswerk vraagt en toch een denkinspanning vergt, geeft hen de kans om succes te beleven op een terrein waar ze niet voortdurend aan hun zwakte worden herinnerd. Dat betekent niet dat lezen en schrijven worden genegeerd. Integendeel: de begeleider kan de speelse ervaring gebruiken als opstap om de motivatie weer op te bouwen, en tegelijk samenwerken met de logopedist voor gerichte oefening.

Een kind met DYS-problemen begeleiden: sleutels en oplossingen voor de dagelijkse praktijk
Elk kind leert op zijn eigen manier: begeleiding op maat is de rode draad.

Therapeutische benaderingen: COCO als aanvulling, niet als vervanging

In een dagcentrum werken meestal verschillende disciplines samen: opvoeders, psychologen, logopedisten, ergotherapeuten en soms kinesitherapeuten of artsen. Elke discipline heeft zijn eigen methodes. Een hulpmiddel als COCO krijgt pas betekenis wanneer het aansluit bij die bestaande aanpak.

Bij gedragsgerichte begeleiding kan een spel bijvoorbeeld dienen als oefenmoment voor concrete gedragsdoelen: wachten op je beurt, een fout aanvaarden zonder boos te worden, hulp vragen wanneer iets niet lukt. De begeleider benoemt wat goed ging, zoekt samen met het kind naar alternatieven en herhaalt dat in de dagelijkse situaties van het centrum. Het spel is het oefenterrein, het echte leven is het doel.

Voor de logopedist is een spel een natuurlijke aanleiding om te praten. Het kind kan vertellen wat het ziet, uitleggen hoe het een opdracht aanpakt of woorden gebruiken om een gevoel te beschrijven. Voor de ergotherapeut biedt het bewegingsgerichte deel een kader om houding, coördinatie en planning te observeren. En voor de psycholoog kan de manier waarop een kind met winst, verlies en frustratie omgaat waardevolle informatie opleveren, op voorwaarde dat dit met zorg en respect wordt bekeken.

Daarnaast speelt psycho-educatie een rol: kinderen en ouders helpen begrijpen hoe hun brein werkt en welke strategieën hen kunnen helpen. Een eenvoudig spel kan hier fungeren als metafoor: "Zie je hoe je hier even moest stoppen en nadenken voor je verderging? Dat kan ook in de klas helpen." Zulke koppelingen maken van een gewone oefening een leermoment dat het kind effectief kan meenemen.

Visie van de expert
"Het hulpmiddel is nooit het doel"
Waarom de begeleider het verschil maakt

Een app doet niets zonder de volwassene die ernaast zit. De sterkste momenten ontstaan wanneer de begeleider opmerkt wat het kind voelt, een vraag stelt op het juiste moment en de ervaring daarna koppelt aan een situatie uit het dagelijks leven. Technologie kan motiveren en structureren, maar de relatie blijft de motor van elke ontwikkeling.

De impact op de sociale en emotionele ontwikkeling

Sociale en emotionele vaardigheden zijn voor veel kinderen in een dagcentrum de belangrijkste leerdoelen. Het gaat om moeilijke, vaak onzichtbare vaardigheden: een gezichtsuitdrukking begrijpen, merken dat een vriendje verdrietig is, je eigen boosheid herkennen voor ze explodeert, een conflict oplossen zonder te slaan of te schreeuwen. Die vaardigheden leer je niet uit een boek. Je leert ze door te oefenen in veilige situaties, met een volwassene die meedenkt.

Een spel biedt precies zo'n veilige situatie. Wanneer een opdracht mislukt, is er geen echt gevolg. Het kind kan opnieuw proberen, en de begeleider kan het moment gebruiken om te praten over de emotie die daarbij hoort: "Ik zag dat je even zuchtte. Was dat frustratie? Wat zou je kunnen doen als het weer gebeurt?" Zo leert het kind zijn gevoelens te benoemen en strategieën te kiezen, in een context waarin de lat niet te hoog ligt.

Om dat gesprek te ondersteunen bestaan er eenvoudige visuele hulpmiddelen. Met het emotiethermometer kan een kind aanwijzen hoe sterk een gevoel is, ook als het de woorden nog niet heeft. De decoder voor gezichtsuitdrukkingen helpt om uitdrukkingen te herkennen en te benoemen, wat voor veel kinderen met autisme een belangrijke vaardigheid is. Je kunt ze gebruiken vóór, tijdens of na een spelmoment.

Omgaan met de emoties van een autistisch kind
Emoties leren herkennen en benoemen is een van de kernthema's in een dagcentrum.
Praktische tip

Bespreek na elke sessie in twee of drie zinnen wat er gebeurde: wat vond het kind leuk, wat was moeilijk en wat wil het de volgende keer anders doen? Die korte terugblik helpt om ervaringen te verankeren en geeft het kind het gevoel dat zijn stem telt.

Een sessie in de praktijk: zo kan het eruitzien

Hoe ziet een zinvolle sessie met COCO er concreet uit? Er bestaat geen vast scenario, maar een eenvoudige opbouw werkt in veel centra goed. Begin met een korte opwarming van twee tot drie minuten: begroet het kind, overloop samen het schema van de dag en kondig aan wat er gaat gebeuren. Voor kinderen die moeite hebben met overgangen is dit moment erg belangrijk, omdat het hun hoofd voorbereidt op een nieuwe activiteit.

Daarna volgt het hoofdgedeelte, bijvoorbeeld tien tot vijftien minuten spelen. Kies één of twee opdrachten die bij het doel van de dag passen, en vermijd een bonte opeenstapeling van mogelijkheden. De begeleider zit naast het kind, stelt open vragen, laat stiltes toe en grijpt enkel in wanneer het kind duidelijk vastzit. Complimenten zijn specifiek: niet "goed gedaan", maar "ik zag dat je dat opnieuw probeerde toen het eerst niet lukte".

Sluit af met een rustig slotmoment. Laat het kind zelf beslissen hoe de sessie wordt afgerond: een stickertje, een korte tekening, een opmerking in het schriftje. Noteer eventueel kort wat opviel, zodat het volgende teamlid kan voortbouwen. Plan regelmaat: twee of drie korte sessies per week leveren in de regel meer op dan één lange sessie, omdat herhaling vertrouwen en vaardigheid opbouwt.

Pas de sessie ook aan de dag aan. Is een kind moe, overprikkeld of gewoon niet in de stemming, dan is een kortere, eenvoudigere versie beter dan doorzetten. De kunst is om het spel een positieve ervaring te laten blijven. Een kind dat zich geforceerd voelt, ontwikkelt een afkeer van het hulpmiddel, en dat is het tegenovergestelde van wat je wilt bereiken.

COCO DENKT en COCO BEWEEGT

Educatieve software voor kinderen van 5 tot 10 jaar: denken, bewegen en plezier maken in een voorspelbare, aanpasbare omgeving.

Ontdek COCO →

Samenwerken met ouders en school

De beste resultaten ontstaan wanneer een kind dezelfde boodschap hoort op alle plaatsen waar het komt. Daarom is communicatie met de ouders geen bijzaak maar een kernonderdeel van de werking. Ouders kennen hun kind beter dan wie ook, en hun observaties over thuis, over slaap, over voeding en over stemmingen zijn onmisbaar. Een eerlijk, regelmatig gesprek over wat het kind in het centrum doet, bouwt vertrouwen op en voorkomt dat ouders zich buitenspel gezet voelen.

Een praktisch instrument daarvoor is een heen-en-weerschrift. Het aanbod van online opleidingen van DYNSEO bevat meerdere modules die uitleggen hoe je zo'n schriftje opbouwt, wat je erin noteert en hoe je moeilijke boodschappen formuleert zonder te beschuldigen. Noteer niet enkel wat er mis ging, maar vooral wat lukte, zodat ouders hoopvolle verhalen horen.

Wil je de speelse oefeningen ook thuis laten voortzetten, dan geldt een belangrijke regel: houd het eenvoudig en kort. Ouders hoeven geen therapeut te worden. Een kwartier samen spelen, zonder stress en zonder prestatiedruk, is meer dan genoeg. Het is zelfs beter dat thuis vooral plezier en verbondenheid centraal staan, en dat de gerichte oefening aan het centrum wordt overgelaten.

Ook de school hoort in dit netwerk. Leerkrachten die weten welke strategieën in het centrum werken, kunnen die in de klas toepassen: een visuele planning, korte opdrachten, een rustplek of een vaste bewegingspauze. Waar mogelijk gebeurt de afstemming via de zorgcoördinator of het CLB. Een vlotte overdracht van informatie verkleint de kans dat het kind in elke omgeving iets anders te horen krijgt.

Opleiding: een kind met autisme begeleiden
🎓 Online opleiding DYNSEO
Een kind met autisme begeleiden: sleutels en oplossingen voor het dagelijks leven

Concrete strategieën rond structuur, communicatie en sensorische prikkels, uitgelegd voor professionals en ouders.

Bekijk de opleiding →

Uitdagingen en beperkingen in dagcentra

Een eerlijk beeld vraagt ook aandacht voor de beperkingen. De eerste uitdaging is de opleiding van het personeel. Ook al is een app intuïtief, het blijft een hulpmiddel dat pas optimaal werkt wanneer begeleiders weten waarom ze het inzetten, welke doelen ze nastreven en hoe ze op het gedrag van het kind reageren. Zonder die kennis dreigt de app een bezigheid te worden die tijd vult maar weinig oplevert. Tijd voor opleiding en teamoverleg is vaak schaars, zeker in centra met een krappe bezetting.

Een tweede uitdaging is schermgebruik. Veel ouders en professionals maken zich terecht zorgen over de hoeveelheid tijd die kinderen voor een scherm doorbrengen. Een dagcentrum kan daar bewust mee omgaan: korte, doelgerichte sessies, nooit als beloning om kinderen rustig te houden, en altijd in combinatie met niet-digitale activiteiten zoals knutselen, buitenspelen en samen koken. Digitale hulpmiddelen vullen de rest aan; ze mogen het echte contact en het vrije spel niet verdringen.

Ten derde is niet elk kind gevoelig voor dit soort activiteit. Sommige kinderen reageren sterk op schermen en worden daardoor overprikkeld of juist moeilijk van het scherm weg te krijgen. Anderen vinden het saai of hebben liever concrete materialen. Dat is geen falen van het kind of van de begeleider: het toont dat het hulpmiddel bij het kind moet passen en niet omgekeerd. Een goede begeleider durft het spel dan ook opzij te leggen wanneer het niet werkt.

Tot slot zijn er praktische kwesties zoals toestellen, internetverbinding, privacy en kosten. Zorg dat gegevens van kinderen veilig worden behandeld en dat ouders weten wat er wordt bijgehouden. Bekijk voor je een aankoop doet ook of het hulpmiddel aansluit bij de werking van het centrum, in plaats van enkel mee te gaan met een trend.

Houd het realistisch

Begin klein: kies één groep, één doel en één periode van vier tot zes weken. Evalueer daarna met het team en met de ouders wat het opleverde. Wat werkt, breid je uit; wat niet werkt, pas je aan of laat je los.

Opleidingen en competenties voor professionals

Wie met kinderen met specifieke noden werkt, heeft nood aan een stevige basis. Opvoeders, leerkrachten, logopedisten en andere begeleiders hebben baat bij kennis over ontwikkelingsstoornissen, over communicatie met kinderen en over aangepaste pedagogische aanpakken. Daarbovenop komt de praktische vaardigheid om digitale hulpmiddelen weloverwogen in te zetten: een doel formuleren, een activiteit kiezen, het moment bepalen en nadien evalueren.

DYNSEO biedt hiervoor een reeks online opleidingen aan. Voor ADHD is er bijvoorbeeld de module Een kind met ADHD begeleiden, die uitlegt hoe je omgaat met impulsiviteit, aandacht en opstandig gedrag. Voor leerproblemen bestaat de module Een kind met DYS-problemen begeleiden, met praktische tips voor thuis en op school. Samen met de autisme-opleiding hierboven vormen ze een degelijke basis voor wie de drie belangrijkste profielen in een dagcentrum beter wil begrijpen.

Opleiding: een kind met ADHD begeleiden
🎓 Online opleiding DYNSEO
Een kind met ADHD begeleiden: sleutels en oplossingen voor het dagelijks leven

Praktische aanpakken voor aandacht, impulsiviteit en bewegingsdrang, thuis en in de begeleiding.

Bekijk de opleiding →

Toekomstperspectieven en conclusie

Hoe ziet de toekomst eruit voor digitale hulpmiddelen in dagcentra? Waarschijnlijk niet als een vervanging van menselijke zorg, maar als een steeds verfijndere aanvulling. Software wordt flexibeler, laat zich beter aan het individu aanpassen en maakt het gemakkelijker om vorderingen te volgen. Tegelijk groeit de aandacht voor ethiek, privacy en doordachte schermtijd. Centra die nu al leren hoe ze digitale tools bewust en gedoseerd inzetten, staan sterker voor wat komt.

Ook de samenwerking tussen zorg, onderwijs en ontwikkelaars kan nog groeien. Feedback van begeleiders over wat in de praktijk werkt en wat niet, is goud waard voor wie hulpmiddelen ontwerpt. Hoe meer professionals hun ervaringen delen, hoe beter de volgende generatie tools zal aansluiten bij de realiteit op de werkvloer.

Samengevat: COCO kan in dagcentra voor kinderen in België een waardevol ondersteunend hulpmiddel zijn. Het speelse karakter, de aanpasbare moeilijkheid en de combinatie van denken en bewegen maken het geschikt om aandacht, geheugen en samenwerking te stimuleren, en bieden de begeleider aanknopingspunten voor gesprekken over emoties en gedrag. De echte therapeutische kracht ligt echter bij de mensen eromheen: geschoolde begeleiders, betrokken ouders en een team dat samenwerkt. Wie het hulpmiddel met realistische verwachtingen en een duidelijk doel inzet, geeft kinderen een extra kans om met plezier te groeien.

Veelgestelde vragen

Is COCO een therapie of een behandeling?+

Nee. COCO is een educatief hulpmiddel voor cognitieve stimulatie en gestructureerd spelen. Het vervangt geen behandeling door een arts, psycholoog of logopedist, maar kan door een opgeleide begeleider worden ingezet als aanvulling op bestaande begeleiding.

Voor welke leeftijd is COCO bedoeld?+

COCO is ontworpen voor kinderen van ongeveer 5 tot 10 jaar. Voor oudere kinderen of jongeren kunnen andere activiteiten en hulpmiddelen beter passen, afhankelijk van hun interesses en noden.

Hoe lang mag een kind per sessie met COCO spelen?+

Korte sessies van tien tot vijftien minuten werken voor de meeste kinderen goed, met een pauze of een bewegingsmoment tussendoor. Pas de duur aan de dagvorm van het kind aan en bouw regelmaat op in plaats van lange sessies.

Kunnen ouders COCO ook thuis gebruiken?+

Ja, een kort moment van samen spelen thuis kan het contact versterken. Houd het licht en zonder prestatiedruk, en bespreek met het team van het centrum welke aanpak het best bij uw kind past.

Welke opleiding helpt me om een kind met specifieke noden beter te begeleiden?+

DYNSEO biedt online opleidingen aan over onder meer autisme, ADHD en DYS-problemen bij kinderen. Ze geven praktische handvatten voor het dagelijks leven, zowel voor professionals als voor ouders.

Ontdek COCO voor de kinderen in jouw centrum

Speelse, aanpasbare activiteiten voor kinderen van 5 tot 10 jaar, met een opleidingsaanbod voor wie ze begeleidt.